Geplaatst door op 24 January 2014

LinkedIn

Voor velen van ons gaat er geen week voorbij – en voor enkelen zelfs geen dag – of ze krijgen een verzoek in hun inbox om te ‘linken’ met een (oud)-collega, met een zakenpartner, of met een professionele relatie in spé. Linkedin, het sociale medium voor beroepsmatige relaties, is in Nederland een groot succes. Er zitten bijna 4,5 miljoen Nederladers op Linkedin, dat is de helft van onze beroepsbevolking. Onze landgenoten zijn veel en gemakkelijk online, en de internetpenetratie is hoger dan in veel omringende landen.

Maar dat is niet de enige verklaring voor de populariteit van het platform; het is ook een kwestie van cultuur. Nederland is een egalitair land. Wij hebben weinig op met standsverschillen en hechten niet overdreven veel waarde aan autoriteit. Zoals een topman van Air France ooit fijntjes opmerkte nadat hij de cultuur bij fusiepartner KLM een tijdje had bestudeerd: als in Frankrijk de baas luncht met zijn medewerkers, voert de baas het woord en hoort het gezelschap hem aan. In Nederland is het andersom, daar zeggen de medewerkers wat ze op hun hart hebben, en houdt de baas zijn mond.

Deze cultuur vertaalt zich in grote hoeveelheden Linkedin-connecties. Want in tegenstelling tot diverse buurlanden durven ondergeschikten hier zomaar hun baas of zelfs hun bovenbaas te vragen of die wil linken. De bovenbazen stemmen daar vervolgens al snel in toe.

Op het Amerikaanse hoofdkantoor van Linkedin spreekt hoofd verkoop Mike Gamson van een ‘meritocratische’ cultuur in Nederland, want deze snelle crisscross relaties zijn hen niet ontgaan, zo blijkt uit een verhaal in NRC Handelsblad van 30-11-13.  Maar meritocratie is volgens mij niet de juiste term; die veronderstelt dat in Nederland mensen worden beoordeeld op wat ze kunnen en niet op waar ze vandaan komen. Zoals (zeker sommige nieuwe) inwoners van Nederland weten, is dat niet de heersende mentaliteit. Onze cultuur is er een van het polderland – iedereen is gelijk, en owee als je jezelf beter voordoet dan de rest. Daarnaast zijn we pragmatische handelaren: je linkt, want je weet maar nooit.

Maken al die Linkedin-connecties ons nu ook vatbaarder voor samenwerking? Het artikel in NRC wekt niet die indruk. De meeste gebruikers van Linkedin komen even kijken of er nog leuke vacatures zijn, en vertrekken weer. Slechts een minderheid gebruikt het netwerk voor actieve zelfpromotie. Dat blijft het lastige van een sociaal medium voor professionals; de gebruikers willen misschien wel, maar ze hebben zo weinig tijd….